Het draperen van een sari behoort tot het immaterieel cultureel erfgoed van de Hindostanen in Suriname. Het Lalla Rookh Museum organiseerde daarom op vrijdag 21 april 2017 de workshop sari draperen, zodat deze kennis  behouden blijft voor de gemeenschap. In sessies van een uur leerde Sadhana Mohan van dansschool Satrangi de deelnemers de fijne kneepjes. Het was een daverend succes! Met 60 dames waren beide groepen volgeboekt. Jong en oud, Hindostanen en niet-Hindostanen, gingen enthousiast aan de slag en na afloop vroegen velen om een vervolgworkshop. 

Klik hier voor foto's.

De workshop werd verzorgd door Sadhana Mohan, ook bekend als de dansdocente van dansschool Satrangi. In een uur tijd leerde zij de deelnemers de fijne kneepjes van het sari draperen. Eerst werd geoefend met het basismodel, totdat iedereen deze goed onder de knie had. Hierna werd er gevarieerd door de pallu, het stuk stof dat over de schouder hangt, op verschillende manieren te dragen. 

De sari is een typisch Indiase klederdracht die door de Hindostaanse migranten is meegenomen naar Suriname. Hoewel de meeste Hindostaanse vrouwen de sari niet meer in het dagelijks leven dragen, is het nog altijd een belangrijke klederdracht voor feestelijke gelegenheden. Zo trouwen Hindoe bruiden in een traditionele rode sari. De sari bestaat uit een lap stof die vijf tot zeven meter lang is en één meter breed. Onder de sari worden een onderrok en kort blousje (choli) gedragen. De sari wordt om het lichaam heen gedrapeerd, eerst rond de heupen, waarbij het wordt ingestopt in de rok. Hierna wordt het nogmaals rond de heupen gedraaid en over een schouder geslagen. Het deel van de stof dat over de schouder hangt, noemt men pallu. Saristoffen zijn er in allerlei kleuren en met verschillende patronen. Vaak zijn de stoffen rijkelijk bewerkt.